Oorlogsgids

Ga naar beneden

Oorlogsgids

Bericht  Fuser op do jan 31, 2013 2:53 am

Oorlogsgids

De grootste verbetering sinds het begin van de Koninkrijken der Renaissance. Rekening houdend met de aard van deze veranderingen, zullen ze geleidelijk in plaats van in een keer worden ingevoerd, dit heeft als voordeel dat enerzijds eenieder eerst geleidelijk kan wennen aan de nieuwe regels, en anderzijds het risico van bugs zo klein mogelijk wordt gehouden.

De voornaamste gebrachte functies:
- De nieuwe soorten groepen: de gewapende groepen (gewapend korps en peloton)
- De nieuwe producten: de zwaarden en de schilden, evenals de producten noodzakelijk voor hun vervaardiging
- Mogelijkheid om wapens (zwaarden, schilden, stokken ) te gebruiken
- Leger, divisie (samenstelling, beleid, verplaatsing)
- Gevechten die één of meer legers impliceren
- Niveau 3 - weg van de Staat, „gewapende“ specialiteit (verkeerd aangeduid als „weg van het leger“ of „weg van de oorlog“ )
- Politiek mechanisme van beheer van knooppunten, concept van status-quo
- Concept van de staatloze vrije stad, verandering in de verbinding tussen steden
- Totale verandering van de rollen van de sergeant en de schout
- Veldwacht (gendarmerie) en de militie (burgerwacht) van de dorpen worden als groepen beheerd
- Rol van de kapitein

DE VOORAFGAANDE AANTEKENING 1: Ik herinner eraan dat, natuurlijk, het geheel van de mechanismen van het spel door de auteursrechten wordt beschermd. Met name is het niet toegestaan, zonder voorafgaande vergunning, deze mechanismen in een ander spel te gebruiken, ongeacht of het al dan niet computers spel betreft of om een internetspel gaat.

DE VOORAFGAANDE AANTEKENING 2
: Men benadrukt dat het hier om een bèta versie van de oorlog gaat, met een risico op bugs. Eveneens hebben wijten risico's van destabilisatie en de natuur van de verandering zelf tot gevolg dat er een controle en een zeer strikt kader voor gebruik van deze functies, tot het eind van de versie bèta zal zijn.

DE VOORAFGAANDE AANTEKENING 3: De regels die volgen vormen het geheel van de gecodeerde regels, tenzij anders wordt vermeldt. Verbeteringen zijn voorzien. Er komt een appendix bij deze regels , maar ik weet niet of ik vandaag de tijd zal hebben om het te schrijven. Zij betreft twee punten: enerzijds, de het regelen van een reeks kleine bijzondere onderwerpen betreffen, en anderzijds een stand van zaken geven over wat momenteel online is en wordt toegelaten en wat niet. Met name zullen de sergeant en schout*verantwoordelijkheid* op hun oude interface blijven, want je kunt niet domweg de inhoud van deze rollen veranderen zolang de voornaamste belanghebbenden geen kennis van de nieuwe regels genomen hebben, die ingewikkelder zijn dan oude regels.

De Koninkrijken der Renaissance

De oorlog

I. De gewapende groepen

De gewapende groepen zijn groepen. Elke gewapende groep wordt door een leider geleid. In tegenstelling tot de klassieke groepen, hebben de leden van een gewapende groep slechts twee keuze: ofwel volgen zij de leider van de groep, ofwel volgen zij het niet en ondernemen een actie die ze zelf bedenken.

Er bestaan twee soorten gewapende groepen: het gewapende korps en het peloton.

Een gewapend korps is uit een maximum van 5 personen samengesteld.
Een peloton is uit een maximum van 8 personen samengesteld. Een peloton wordt door een edele geleid. De andere leden van de groep hoeven niet van adel te zijn.
Een peloton kan eveneens door een kapitein gevormd worden, binnen het gebied van zijn Hertogdom (dit gebied strekt zich tot het heel koninklijk gebied uit, voor de Koninklijke kapiteins).

De gewapende groepen kunnen zich aan de volgende taken wijden:
- Een stad verdedigen

Daarentegen kunnen groepen geen berovingen uitvoeren.

De leider van een gewapende groep besluit tot de actie of de verplaatsing van de groep. De andere leden kunnen dan al dan niet besluiten om „de leider“ te volgen. Een persoon wordt de volgende dag buitengesloten als een van de volgende gevallen zich voordoet:
- niet de leider heeft gevolgd en de groep heeft zich verplaatst
- niet de leider heeft gevolgd zichzelf heeft verplaatst
- niet de leider heeft gevolgd en de groep heeft een gevecht geleverd (in dit geval, neemt de persoon die niet de leider heeft gevolgd evenmin aan het gevecht deel).
Aldus wordt een persoon die niet de leider volgt en die op hetzelfde knooppunt blijft, terwijl de groep zich niet verplaatst en niet verplicht wordt om een gevecht te leveren, niet van de groep uitgesloten.

II. Ordehandhaving

De rol van sergeant en schout is geheel herzien. De functie van de handels gevolmachtigde is licht gewijzigd. De functie van de milities is ook herzien.

De sergeant verleent schout krediet en draagt zorg voor de logistiek binnen het leger. Hij kan op de provinciale markt kopen en verkopen, maar uitsluitend wapens (daaronder begrepen de voorwerpen die ook als wapens gebruikt kunnen worden, zoals stokken). Hij kan mandaat verlenen ten aanzien van het leger en het geld. Hij heeft toegang tot de provinciale wapenkamer.

De handels gevolmachtigde kan op de markt geen wapens kopen of verkopen (uitgezonderd wapens met een specifieke bestemming), zelfs niet onder mandaat; hij heeft zelfs geen toegang tot het wapenarsenaal.

De schout rekruteert en organiseert de gendarmerie groepen, onder beperking van het mandaat gegeven door de schout. Zo begint hij de gendarmerie groepen te rekruteren, beginnend met het onderhands aanstellen van de commandant. Vervolgens biedt hij publiek vacatures aan voor deze groepen, zodra deze zich in een door de provincie gecontroleerde gemeente bevindt.
De salarissen van de leden van de gendarmerie en hun commandant zijn vrij bepaalbaar en worden aan het einde van de dag automatisch uitbetaald.
De zo ontstane groepen zijn gewapende groepen, waarin de commandant aan het hoofd staat. Het enige onderscheid met de normale gewapende groepen is, dat alleen de schout en niet de commandant van de groep nieuwe groepsleden kan rekruteren. Daarnaast worden de groepsleden automatisch als “de leider volgend” ingesteld. Zoals elke andere groep, kan ook een gewapende gendarmerie groep zich van knooppunt naar knooppunt verplaatsen en ook de provincie verlaten.
De schout wordt automatisch en doorlopend over de verblijfplaats en de acties van de gendarmerie groep bericht, behalve wanneer deze de provincie verlaten heeft.

De verplichte militie soldaten van een gemeente vormen een gewapende groep. De leden van zo’n militie worden automatisch als “de leider volgend” ingesteld, en de opdracht van de groep is automatisch “de stad beschermen”. Deze leden worden automatisch betaald.

III. Wapens

De smeden kunnen nieuwe voorwerpen maken:
- zwaardklingen (een ongesmede kling -> een zwaardkling, op dezelfde manier als met een kling voor een bijl)
- ongeslepen zwaarden (een zwaardkling + een staal)
- zwaarden (een ongeslepen zwaard -> een zwaard)

De kleermakers kunnen schilden maken.

Men kan een wapen (op dit moment een zwaard of lans) of schild gebruiken, wanneer men daarop klikt. Deze wapens kunnen breken, maar slijten niet.

Op dit moment zijn de wapens alleen voor militair gebruik geprogrammeerd.

IV. Het creëren van militaire eenheden

A. Algemene opmerkingen

Een edele op level 3 van de staat met militaire specialisatie die een peloton aanvoert kan hiervan direct een leger maken hierover heeft hij direct de leiding. Een leger is een verzameling van maximaal 7 gewapende groepen; alle leden van deze groepen worden deel van dit leger. De gewapende groepen die tot dit leger samengevoegd worden, worden divisies. De leiders van de gewapende groepen worden divisiecommandant. Als een divisiecommandant van adel is, kan de divisie maximaal 8 personen hebben, zo niet, dan is het maximum ledenaantal 5. De opperbevelhebber beslist over de algehele troepenbeweging. Alle leden (inclusief de divisiecommandanten) hebben de keuze om de opperbevelhebber te volgen of dat niet te doen. Een lid kan uit het leger worden gezet volgens precies dezelfde criteria als voor een gewapende groep.

Op dezelfde manier kan een kapitein die de beschikking heeft over een peloton binnen zijn provincie een leger oprichten (voor Koninklijke kapiteins breidt dit territorium uit tot het gehele koninkrijk).

Het leger kan zich tot twee knooppunten per dag voortbewegen.

Alle gewapende groepen die een bepaalde gemeente of kasteel verdedigen, waaronder de gendarmerie, worden beschouwd als één leger, wanneer een vijandig leger de stad probeert te bestormen. Dit leger wordt niet aangevoerd, heeft geen bewegingsmogelijkheid, en kan noch ontbonden worden, noch zich terugtrekken.

B. Een leger oprichten

Om een leger op te richten moet een niveau 3 met de specialisatie leger, of een kapitein die aan het hoofd staat van een peloton een aantal fasen doorlopen.
Het leger bezit een aantal staatspunten die belangrijk zijn:
- de opperbevelhebber moet een of meerdere spelers (eventueel zichzelf) kiezen, die zich op hetzelfde knooppunt als hijzelf bevinden, zich op level 3 bevinden en de keuze hebben gemaakt voor Staat & Leger. Aan hun moet hij een geldsom (optioneel), en een aantal militaire staatspunten aanbieden, om deze te ontwikkelen voor rekening van het leger. Dit simuleert het werk wat nodig is om een leger te organiseren.
- twee dagen nadat op deze manier 60 staatspunten (dit aantal moet mogelijk nog worden herzien), uitgegeven zijn, kan de opperbevelhebber een vaandel kiezen, waarna de staatspunten van het leger geannuleerd worden.
- zodra het vaandel gekozen is, is het leger daadwerkelijk gecreëerd. Het bestaan van het leger (maar niet de locatie) wordt vervolgens aan alle opperbevelhebbers en kapiteins in het spel bekendgemaakt. Het wordt de opperbevelhebber nu mogelijk gemaakt, om via aankondigingen spelers, die de Staat & Leger richting volgen, op te roepen geld voor militaire staatspunten te ruilen. Bovendien kan iedereen nu koopwaar en geld aan het leger doneren.

Na de daadwerkelijke oprichting kunnen gewapende groepen, die op dezelfde knooppunten bevinden als het leger, gevraagd worden zich bij het leger aan te sluiten. De opperbevelhebber gaat al of niet akkoord met de aansluiting. Om op deze manier een gewapende groep in het leger op te nemen, moet het leger een aantal staatspunten besteden. Een leger bestaat uit maximaal 7 divisies.

De gewapende groepen die een stad verdedigen (waaronder de gendarmerie) hebben een zekere kans (een kans van 2-op-3 per verdediger) om iemand die op het punt staat een leger op te richten, te ontdekken. Deze informatie verschijnt dan bij “gebeurtenissen” van de verdediger.

V. Dagelijkse gang van zaken

A. Rollen
De opperbevelhebber benoemt uit zijn leger iemand die de kas beheert en iemand die belast is met de logistiek. Ook ziet hij toe op alle divisiecommandanten. Elke divisiecommandant heeft de leiding over de soldaten in zijn divisie.

B. Rekrutering
Naast het opnemen van gewapende groepen in het leger, is het ook mogelijk in de bestaande divisies zelf te rekruteren. Elke divisiecommandant kan vacatures plaatsen voor een positie in zijn/haar divisie. Het salaris is in het gehele leger hetzelfde; de divisiecommandant kan deze zelf niet bepalen.

C. Financiën
Het leger heeft de beschikking over een eigen schatkist. De beheerder van deze kas bepaalt het dagelijkse salaris.

D. Staatspunten
Afhankelijk van het aantal personen in het leger en zijn verplaatsing, consumeert het leger een zeker aantal staatspunten (het aantal is nog niet geprogrammeerd), die dus aangeschaft moeten worden. Het is de legeraanvoerder, die belast is met de aanwerving van deze staatspunten.

E. Levensmiddelen, logistiek
De persoon die belast is met de logistiek heeft het mandaat te kopen en te verkopen op de markten in naam van het leger. Hij kan onder andere, net zoals de abt in een abdij, aan elke soldaat eenzelfde object laten distribueren.

F. Vriendschappelijke en vijandige relaties
Bij het aangaan van een strijd zijn de onderlinge vriendschappelijke/vijandige verhoudingen, en de verhoudingen met andere legers van belang. Een vijandige verhouding van een leger A ten opzichte van een entiteit (leger/eenheid/...) B leidt er toe, dat A de strijd met B zo snel mogelijk wil beginnen. Een vriendschappelijke verhouding van A ten opzichte van B leidt ertoe, dat A de strijd met B niet beginnen wil, en dat B de strijd begint. De verhoudingen zijn zodanig, dat voor elke koppel van strijdende partijen (A, B), waar A een leger is, het mogelijk is om te bepalen of “A een vriend van B” is, of dat “A een vijand van B” is. Uiteraard is het ook mogelijk dat gelijktijdig geldt dat “A een vriend van B” is en “B een vijand van A” (in het analytische jargon: B is dan een “oude bastaard”, maar dit is anekdotisch bedoeld).
Voor elk leger zijn de vijandige en vriendschappelijke verhoudingen vastgelegd in vier elementen:
- een prioriteitsrelatie: “vriend” of “vijand”
- een standaardrelatie: “vriend” of “vijand”
- een lijst van “bevriende” entiteiten
- een lijst van “vijandige” entiteiten

Hier volgt de uitvoerige regel: om te bepalen of tussen (A,B) een vriendschappelijke of een vijandige relatie bestaat, wordt eerst bekeken of B (direct of indirect) voorkomt in de lijst van bevriende of vijandige eenheden van A, afhankelijk van de prioriteitsrelatie ( dus eerst naar de “vijandige” lijst, of eerst naar de “bevriende lijst”). Is dat het geval, dat is dat de relatie (A,B). Zoniet, dan wordt gekeken of B voorkomt op andere lijst. Is dat het geval, dan is de relatie (A,B) het omgekeerde van de prioriteitsrelatie. Als deze daarin óók niet voorkomt, dan geldt de standaardrelatie als de relatie tussen (A,B).

Voorbeeld:
Een leger A heeft de volgende 4 instellingen:
- prioriteitsrelatie: vriend
- standaardrelatie: vijand
- vriendenlijst: B, geleid door Bidule
- vijandenlijst: alle legers die vallen onder Bourgogne

Wanneer leger B nu onder Bourgogne valt, is B nu vriend of vijand? Antwoord: (A,B) voeren vriendschappelijke betrekkingen.

G. Overgangssituaties
Wanneer het voorkomt dat een aan een leger gebonden speler niet meer kan voldoen aan de criteria om het leger in stand te houden, wordt hij in de gelegenheid gesteld gedurende 5 dagen daar wel aan te laten voldoen. Indien een opperbevelhebber, die niet van adel is (dus kapitein is), zijn status als kapitein verliest, dan wordt het leger na vijf dagen opgeheven.

VI. Niveau 3 – route Staat & Leger

Een speler die kiest voor de route Staat kan kiezen voor het vakgebied Leger. Hij begint dan met zijn enige kennisgebied “Kunst van het oorlogvoeren”, dat hem toestaat 10 militaire staatspunten te genereren.
Opmerking: Zo’n persoon is een Level 3 – staatsambtenaar, en hij is onderworpen aan dezelfde overgang eisen naar Level 4 als de andere Level 3 staatsambtenaren. Dat houdt in, dat hij een zeker aantal staatspunten uit moet geven. Anders dan bij andere Level 3 staatsambtenaren worden bij hem alleen de staatspunten die uitgegeven zijn in het militaire domein geteld (bij de andere staatsambtenaren worden alle staatspunten met uitzondering van de militaire staatspunten meegeteld).
Andere kennisgebieden staan wel ter beschikking.


VII. Band tussen de legers en de provincies

De legers zijn niet afhankelijk van een provincie: ze worden gevormd door spelers die niet aan een bestuur zijn gebonden. Desalniettemin, legers kunnen vragen om goedkeuring van een hertogdom of graafschap en deze goedkeuring ook verkrijgen (slechts 1 graafschap of hertogdom). Om dit te kunnen doen, moet het leger zich bevinden op een knooppunt in handen van dit graafschap of hertogdom en dan moet de commandant van het leger hierom verzoeken. Het is de kapitein die besluit of goedkeuring wordt verleend.
Het verlenen van goedkeuring maakt het mogelijk dat bepaalde politieke acties worden uitgevoerd.

De kapitein is de enige persoon die niet level 3 of edele dient te zijn om een leger aan te voeren.

In het rijk van de koning wordt de post van kapitein afgeschaft. De koning kan een aantal Koninklijke kapiteins aanstellen. Legers die op deze wijze worden aangesteld zijn dus goedgekeurde Koninklijke legers.

Een leger dat de goedkeuring heeft van een provincie wordt gewoonlijk bevoorraad door de schout. Het is aan de spelers om precies de band tussen het leger en de politiek te bepalen. Als ik persoonlijk Hertog zou zijn, zou ik het verbieden om een leger te vormen dat niet onder leiding staat van een kapitein of zijn goedkeuring heeft.

VIII. Politiek beheer van de territoria

A. Het concept van de status-quo


Het woord ‘status-quo’ is niet helemaal juist, dit moet direct worden vermeld. Het is een concept. Het gaat om de entiteit die hoofd status-quo is op een kruispunt, deze kan zijn politiek veranderen. Alleen legers en gemeentehuizen kunnen hoofd status-quo zijn.
- Een knooppunt buiten een stad, zonder dat zich daar een leger bevindt, staat bekend als ‘niet onder controle van status-quo’
- Als in de stad geen leger is, wordt het stadshuis als ‘meester van de status-quo’ voor het knooppunt gerekend.
- Als er zich buiten de stad een leger bevindt op een knooppunt, wordt dit leger ‘meester van de status quo’ voor dit knooppunt.
Tot zover is alles in orde. Een leger of een stadhuis dat zich bevindt in 1 van de 3 bovengenoemde gevallen, en dat de dag daarvoor geen ‘meester van de status-quo’ was verkrijgt deze status.
In aanvulling hierop, in een aantal gevallen kun je het ‘meesterschap van de status-quo’ verliezen. Dus hoe wordt een nieuwe ‘meester van de status-quo’ aangeduid:
- Een leger dat een veldslag verliest, raakt altijd de status-quo kwijt, zelfs als het zich niet terugtrekt.
- Wanneer een leger een stad binnentrekt verliest het stadhuis de status-quo, ongeacht of het leger met toestemming van de stad of met geweld naar binnen is gekomen.
Als een leger op een knooppunt buiten de stad de status-quo verliest, dan is wordt het onverslagen leger met hoogste gevechtscoëfficiënt op dit knooppunt, meester van de status-quo. In het geval dat het leger wordt verslagen in de stad wordt hetzelfde criterium gebruikt. Indien noodzakelijk worden de bovengenoemde drie criteria gebruikt.

Noot: Een leger bij de poorten van een stad (of het nu wel of niet de stad belegert) is nooit meester van de status-quo op hun knooppunt.

B: Mogelijke acties voor de meester van de status-quo

Deze acties zullen later worden uitgebreid.

Het hoofdleger dat meester is van de status-quo kan de volgende acties ondernemen, met een aantal limieten:
- het veranderen van de heerser van het knooppunt
- van een stad een staatsloze vrij stad maken.
- het veranderen van de heerser over een stad
- het ontslaan van de burgemeester van een stad
- het blokkeren of weer mogelijk maken van het kiesproces in een stad

Ieder van deze actie (de laatste uitgezonderd) moet worden uitgevoerd door de commandant van het leger (Daardoor kan het leger die dag verder geen actie ondernemen). Het resultaat van de actie is desalniettemin onmiddellijk ingaand.

Een leger dat 1 van deze acties uitvoert profiteert niet van een verdedigingsbonus, en wordt nooit als achter de muren gelegerd beschouwd.
De mogelijke acties voor een burgemeester zijn nog niet definitief geprogrammeerd. Het wordt (onder bepaalde omstandigheden) mogelijk voor hem om de heerser van een stad te veranderen of er een staatloze, vrij stad van te maken.

C. Het concept van een staatloze, vrije stad en het veranderen van beheer over de knooppunten

Een knooppunt zonder stad, wiens leger de hoofd status-quo heeft, en die onder het beheer staat van graafschap A, kan zien dat zijn controle wordt aangepast door het leger. Het kan dus overgaan in de handelen van graafschap B. Maar daarvoor moet aan 2 vereisten worden voldaan:
- Het leger moet de goedkeuring hebben van graafschap A
- Het knooppunt zelf moet in werkelijk in staat zijn om onder controle te komen van graafschap B, ieder knooppunt kan enkel onder controle staan van gelimiteerd aantal provincies. Dus, Brest zal nooit Burgundisch zijn, en Mâcon kan onder controle komen van Burgundië of Dauphiné, maar nooit van Artois of Champagne.

Een knooppunt met een stad daarop wordt wat anders behandeld, de stad zelf kan alleen een ‘vrije staatloze stad worden’ Daarna kan de stad worden toegewezen aan een ander graafschap. Dus om Mâcon toe te wijzen aan Dauphiné duurt 2 dagen.

Een vrije staatloze stad hoort bij geen enkel graafschap. Het heeft dus geen toegang meer tot gebouwen die horen bij het hertogdom.

D. Het grijpen van de macht in een stad door een leger.

Een hoofdleger met status-quo in een dorp kan de burgemeester ontslaan. De leider van het leger kan dus kiezen om, of zelf burgemeester te worden, of dit aan één van zijn meest charismatische luitenants over te laten. Het kiesproces wordt dan automatisch geblokkeerd.
Het dorp kan constant worden bevrijd door de commandant van het leger. Het dorp wordt ook bevrijd wanneer het leger de status-quo verliest op dit knooppunt. (dit kan doordat het leger wordt verslagen of doordat het zich verplaatst).

E. Revoltes

De nieuwe revoltes bevatten aan de ene kant het geheel van mensen die zich aansluiten bij de opstand (hier veranderd niets) en aan de andere kant het geheel van gewapende groepen en legers die ervoor kiezen om de stad te verdedigen. In aanvulling, het hoofdleger dat de status-quo heeft in een stad, wordt ten tijde van de revolte automatisch behandeld als verdediger van de stad. Het gevecht dat verband houdt met de revolte wordt uitgevochten voor alle andere gevechten.

IX Gevechten tussen legers

A. detectie, groep, gevechtsfactoren, aanvals en verdedigingsconcept

Het systeem van detectie voor legers is hetzelfde als voor groepen. Een leger van N soldaten, is het voor het detectiesysteem hetzelfde als een groep van N leden.
Gevechten tussen legers worden afgehandeld voor verplaatsingen naar een ander knooppunt.
Er is een grondregel bij de afhandeling van gevechten: Leger A kan in geen geval opnieuw vechten met leger B.
Als leger A een soldaat van leger B ontdekt en B en A zijn vijanden dan zullen zij elkaar bevechten.

Ok tot zover is het duidelijk. Maar wanneer je goed over nadenkt roept dit op tot nog meer vragen: Wat als legers A, B en C aanwezig zijn en elkaar zien, en B en C zijn bevriend maar vijandig tegenover A? Of als in dit voorbeeld, B wel A ziet maar niet C? En als A, B en C allemaal vijanden van elkaar zijn?

Ik denk dat in het spel in 99% van de gevallen duidelijk zal zijn wat er moet gebeuren. Daarom zal de volgende paragraaf(die door der Aventis Pharma en Dolipran Packungen gesponsord wordt) niet bijzonder boeiend zijn maar het is nodig om het uit te leggen.

- de volgende paragraaf werd vergeten in de bijlage -

Het legerkamp wat wordt beschouwd als verdediger is dat met het minst bewegende leger. Als aan dit criterium niet kan worden bepaald dan geld het criterium van de minste soldaten. Als hierna nog geen onderscheid kan worden gemaakt tussen de legers dan zullen strafschoppen het moeten uitwijzen.

Iedere soldaat voegt aan zijn leger gevechtskracht volgens de volgende formule
+1 voor kracht tussen de 0 en 49
+2 voor kracht tussen de 50 en 99
+3 voor kracht tussen de 100 en 150
+4 voor kracht tussen de 151 en 200
+5 voor kracht tussen boven de 200
+3 voor kracht als de soldaat een zwaard heeft


B Operaties

De gevechten waarbij een leger is betrokken, zelfs als het leger een groep of persoon aanvalt verlopen volgens de volgende formule.

Het aanvallende leger A ontmoet het verdedigende leger V dan krijg je een a/b ratio. Dit wordt afgerond in het voordeel van de verdediger. De volgende combinaties zijn mogelijk 1:3, 2:5, 1:2, 1:1, 3:2, 2:1, 5:2 en 3:1.

De bonus van de verdediger
- Een niet bewegend defensief leger krijgt +50% tenzij dit een stad belegert. (is op dit moment nog niet mogelijk)
- Een niet bewegend defensief leger in een stad krijgt een bonus van +100%
- Een ongeorganiseerd leger buiten de stad krijgt een malus van 50%
- Een stad met stadsmuren zorgt bovendien voor een limiet van 40 aanvallers en 40 verdedigers. (Dit is nog niet gecodeerd)

1d6 wordt uitgevoerd, en je kijkt naar het volgende resultaat in het gevechtsschema.

B. Gevechtsschema

Dé/Ratio 1: 3 2: 5 1: 2 2: 3 1: 1 3: 2 2: 1 5: 2 3: 1
1 MANDELEVIUM D 60% D 60% D 50% D 20% Ech20% Ech30% Ech40% A 30%
2 MANDELEVIUM D 60% D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 30% A 50%
3D 60% D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 30% A 50% A 60%
4 D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 20% A 50% A 60% MA
5 D 30% Ech40% Ech30% Ech20% A 20% A 50% A 60% A 60% MA
6 Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50%

C. Table of the engagements

Dé/Ratio 1 : 3 2 : 5 1 : 2 2 : 3 1 : 1 3 : 2 2 : 1 5 : 2 3 : 1
1 MD D 60% D 60% D 50% D 20% Ech20% Ech30% Ech40% A 30%
2 MD D 60% D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 30% A 50%
3 D 60% D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 30% A 50% A 60%
4 D 50% D 30% Ech20% Ech30% Ech20% A 20% A 50% A 60% MA
5 D 30% Ech40% Ech30% Ech20% A 20% A 50% A 60% A 60% MA
6 Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50% Ech50%

Bij de bovenste 3: 1, is het resultaat automatisch MA.
Bij de laagste 1: 3, is het resultaat automatisch MANDELEVIUM.

Verschillende resultaten zijn mogelijk:

Ax% (“Aanvalx%” - Bijvoorbeeld: A50%): De aanvaller deelt een aantal slagen uit (zie verder) gelijk aan het aantal mensen (En niet aan aanvalspunten, let daar op!) wat in het leger aanwezig is vermenigvuldigd met x%, afgerond naar boven. De verdediger brengt een aantal slagen toe gelijk aan 25%. (afronding naar boven) van dit aantal met een maximum van x% van zijn eigen aantal soldaten.
Dx% (“Defender (verdediger) x%”): Hetzelfde maar hier moet je aanvaller en verdediger omwisselen.
Echx% (“Exchange (uitwisselen) x%”): Het zwakste leger brengt een aantal slagen toe gelijk aan x% van zijn aantal soldaten. Tegelijkertijd brengt het andere leger een bijna gelijke slag toe.
MA (“Massacre, for the benefit of the attack” ‘slachting ten voordele van de aanvaller’): Elke soldaat van de aanvaller brengt een slag toe aan de verdediger. Er is geen reactie. De verdediger brengt enkel 1 stel slagen toe gelijk aan 10% (afronding naar beneden) van dit aantal met een maximaal van 30% van zijn eigen soldaten.
MANDELEVIUM: hetzelfde principe maar dan voor de verdediger.

D. Slagen

Voor elke slag, die men uitdeelt en ontvangt bepaalt het lot wat er precies gebeurt. Dit gebeurt volgens 1d6, zie ook de volgende tabel.

0 or - R 0%
1: Bl0 Bl0 10%
2: Bl1 Bl1 20%
3: Bl5 Bl5 40%
4: Bl10 Bl10 60%
5: MR. M 80%
6 or +: MR. M 100%


Eerste colom (R, Bl0, Bl1, etc) geeft de uiteindelijk staat van het karakter
M: Dood – Je kan niet meer vechten gedurende 45 dagen.
BL10: Verwonding – onbeschikbaar voor gevechten gedurende 10 dagen.
Bl5: Verwonding - onbeschikbaar voor gevechten gedurende 5 dagen.
Bl1: Verwonding - onbeschikbaar voor gevechten gedurende 1 dag.
Bl0: Licht gewond, morgen kun je met verminderde kracht vechten – de speler verlaat het leger niet.
army

E: Gezond

De tweede kolom geeft de waarschijnlijkheid, voor ieder wapen, dat het breekt. In aanvulling een stok breekt met ieder gebruik, na het eind van het gevecht, als het is gebruikt als aanvalswapen. (Zelfs als de eigenaar geen slag heeft uitgedeeld)

Aanvulling op de tabel:
Degene die de slag uitdeelt heeft geen wapen -3
Degene die de slag uitdeelt heeft een stok -2
Degene die de slag uitdeelt heeft een zwaar wapen +1
Degene die de slag ontvangt heeft een schild -1
Degene die de slag uitdeelt heeft meer dan 100 krachtpunten +1
Degene die de slag ontvangt heeft al eerder één of meer slagen ontvangen, en neemt die eerdere verwondingen mee naar dit gevecht. Hierdoor heeft hij een grotere kans om gewond te raken (formule +n?)

F. Uitkomsten van het gevecht en de beïnvloeding hiervan op verplaatsing

Een leger dat zware verliezen leidt (doden, gewonden) gelijk aan of hoger dan 40% van de totale grote van het leger is het verslagen leger.

Een verslagen leger kan zich terugtrekken. (Hiervan uitgezonderd zijn de verdedigers van een stad zie hieronder). Het kan zich dan die dag niet meer verplaatsen. Onzeker is of een verslagen leger zich ook niet kan terugtrekken. Waarschijnlijk moet het voor het gevecht aangeven of het zich wenst terug te trekken, en moet het voldoende staatspunten hebben om zich niet terug te trekken.

Een niet verslagen leger kan zich wel verplaatsen mits zijn vijanden zich terugtrekken.

In alle gevallen uitgezonderd de gevallen van een massale slachting (MA of MANDELEVIUM) kunnen de niet-verliezende legers die hebben gevochten, zich deze ronde niet meer verplaatsen.

X Ongeorganiseerde en verspreiding van legers

Een leger dat, in een beurt (hier spreuk je niet van rondes, maar van speelbeurten) 50% van zijn mankracht verliest (door gevechten of desertie) wordt ongeorganiseerd.
Een leger dat, in 2 beurten 50% van zijn mankracht verliest (hierbij inbegrepen nieuwe rekruten als positief en verliezen en deserteurs als negatief) wordt ongeorganiseerd.
Een leger dat, in 1 beurten 70% van zijn mankracht verliest wordt verspreid.
Een leger dat, in 2 beurten 70% van zijn mankracht verliest wordt verspreid.
Een leger dat, in 3 beurten 70% van zijn mankracht verliest wordt verspreid.

Een leger dat, in 1 beurt, zijn mankracht met meer dan 50% verhoogd, en meer dan 20 man heeft, wordt ongeorganiseerd.
Een leger dat niet de noodzakelijke staatspunten kan uitgeven voor zijn normale voorbestaan wordt ongeorganiseerd.

Een ongeorganiseerd legert heeft een malus in het gevecht. Het kan zich niet verplaatsen en het totaal van zijn staatspunten wordt 0. Het kan ook nieuwe soldaten meer rekruteren. Om weer georganiseerd te worden moet het een aantal staatspunten kopen en deze uitgeven. Een leger dat ongeorganiseerd is gedurende 4 beurten wordt verspreid.

Een verspreid leger wordt opgeheven. Zijn inventaris en goederen verdwijnen.

XI Speciale omstandigheden m.b.t. steden

De steden (met inbegrip van de dorpen) worden wat anders behandeld dan de andere knooppunten. Ten eerste een leger bij een stad kan zich zowel binnen als buiten de stadsmuren bevinden. Standaard bevindt het zich buiten de stadsmuren. Om de stad te betreden of verlaten moet je een verplaatsing uitvoeren die de hele dag in beslag neemt.

De burgmeester kan besluiten één of meer legers toestemming te geven om de stad binnen te gaan.

Als 2 vijandige legers bij de stad aanwezig zijn, het ene binnen en het andere buiten de muren, dan zien zij elkaar niet en breekt er ook geen gevecht uit. Uitzondering hierop is wanneer het leger binnen de muren de stad uit wil gaan of het leger buiten de muren de stad in wil.

Alle gewapende groepen die de stad verdedigen (de burgerwacht inbegrepen) worden volgens de regels voor legers behandelt. Als dus een leger zonder de toestemming van de burgemeester probeert de stad binnen te gaan dan breekt er een gevecht uit.

Er gelden echter wel wat bijzondere zaken voor een burgerwacht. Allereerst ontdekken zij ieder leger dat probeert een stad binnen te gaan. Bovendien moeten hun verliezen 70% van de manschappen bedragen i.p.v. 40% zoals bij een normaal leger voordat de stad ingenomen kan worden.
Verder kan een stadswacht zich niet terugtrekken. Ook kan zo’n leger niet ongeorganiseerd zijn en krijgen ze een bonus omdat ze gelegerd zijn in de stad en zich niet verplaatsen van 100%.

Met dank aan Raboude (vertaling en originele hollandse gids.) vernieuwing gids Mathildis 7 april 1459
avatar
Fuser

Aantal berichten : 252
Registratiedatum : 04-01-10

Profiel bekijken

Terug naar boven Ga naar beneden

Terug naar boven


 
Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum